|
ORIKATA - afstijgtechnieken
te paard (zonder stijgbeugels)
Gevolg uitmakend van de opstijgtechnieken te paard,
vallen deze afstijgtechnieken onder een gelijklopende
benadering van de krijgskunst, daar als het nuttig
is snel te paard te springen, het ook heel belangrijk
is in dezelfde seconde te kunnen afstijgen. Volgens
de omstandigheden en de mogelijkheden van elkeen,
zal de leerling een van deze technieken vroeger of
later appriciëren en beoefenen. Wij zullen hem tenandere
steunen om deze te perfektioneren en te personaliseren.
Wij herinneren de lesgevers dat al deze technieken
gekend moeten zijn en dat de leerling in staat moet
zijn deze te tonen met een paard in stilstand (hidari
of migi naar keuze).Wij trekken de aandacht van de
leerlingen op het feit dat, tegengesteld aan de opstijgtechnieken,
de afstijgtechnieken realiseerbaar zijn in de verschillende
gangen.
TOBI ORI - Afstijgen
al springend (of steun op zadelboog met wegzwaaien van
beide benen)..
Uitleg.
Afstijgen naar links. Vergelijkbaar met het afstijgen
te paard in de klassieke dressuur,de leerling lost
zijn stijgbeugels, brengt zijn schouders naar voor
(schommelbeweging), strekt zijn benen die hij naar
achter zwaait, en al steun nemend met de twee handen
(of een enkele als er een gewapend is) op de zadelboog
maakt hij van het moment dat zijn benen ter hoogte
van de billen van het paard komen tijdens de zwaaibeweging
gebruik om zich weg te van het zadel. De ruiter komt
recht op de grond, voeten naast elkaar, links van
het paard.

Raadgevingen.
- Goed gebruik maken van het zwaaien van de borst
om de benen naar achter te brengen.
- Het duwen van de handen op de zadelboog vergemakkelijkt
het loskomen van de ruiter daar zijn handen met
de borst naar voor en de benen naar achten zich
ongeveer in het centrum van zijn zwaartekracht bevinden,
wat het hem mogelijk maakt zich uit het zadel te
werpen.
Niveau.
KÔSA ORI. - Afstijgen
door het buitenbeen gekruisd over te brengen.
Uitleg.
Links (hidari). Het gaat hier om een vergelijkbare
techniek als bij de academische voltige. De ruiter,
in het zadel gezeten, laat de stijgbeugels los en
door een grote schommelbeweging van voor naar achter
van het rechterbeen, zwaait hij deze gestrekt over
de hals van het paard teneinde zich langs het zadel
te laten glijden om zich links rechtstaand vban het
paard te bevinden.

Raadgevingen.
- Het paard progressief gewennen aan het overslaan
van het been door er eerst vanuit de houding in
het zadel mee op de hals van het pâard te tikken.
- Het buitenbeen (aan de kant van afstijgen) niet
onnodig verschillende malen zwaaien.
- In academische voltige gebeurd dit afstijgen door
averzwaaien van het been met vastnemen van de handvaten
aan de voltigesangel. Bij onze techniek is deze
"zekerheid" af te raden daar het vastnemen van de
zadelknop door één of twee handen de afstijgbeweging
vertraagd.
- Let eroip het buitenbeen niet te verstrikken in
de teugels.
Niveau.
USHIRO KAITEN ORI.
- Achterwaarts rollen (bij ontwijken).
Uitleg.
Links (hidari). Het gaat om een achterwaartse rolbeweging
vergelijkbaar met ushiro ukemi. De ruiter lost zijn
stijgbeugels. Na een kleine voorwaartse beweging van
de borst, brengt de ruiter zijn schouders naar achter
alsof hij zich met zijn rug op het paard wil leggen.
Zijn benen doen een schommelbeweging van voor naar
achter met een bijkomende slingerbeweging van het
rechter been. De ruiter die zich naar achter heeft
bewogen, draait lichtjes de schouders zodat de linkerschouder
op de linker kant van het achterste van het paard
terechtkomt, spant zijn buikspieren alsof hij zich
in een bolletje wil rollen en zo komen zijn benen
vertikaal omhoog en doet hij een omwenteling.

Raadgevingen.
- Gelieve het paard te wennen aan de druk van het
lichaamsgewicht op de achterhand.Men begint eveneens
met kleine afstijgoefeningen teneinde het paard
te wennen aan een een ruiter die zich opeens ter
hoogte van één van de achterbenen bevindt.
- Afhankelijk van de gevoeligheid van het paard
de beste kant kiezen om een rollade te maken met
de schouder op de linker- of rechterbil van het
paard.
- De leerling probeert bij elke oefening op zijn
voeten terecht te komen.
- Daar het neerkomen van de leerling terhoogte van
de achterbenen gebeurd, mag deze niet over de gehele
lengte van de rug van het paard rollen daar hij
dan achter de achterhand zal terechtkomen, wat een
gevaarlijke situatie kan creëren.
- De leerling kan in de loop van zijn oefeningen
meer bewegingskracht te zetten zodat hij van deze
afstijgtechniek kan evolueren naar een valtechniek
daar het volstaat toe te geven bij het terechtkomen
op de grond aan de achterwaartse beweging .(spektakeltechniek).
Niveau.
Stany
LEDIEU
[Vertaling originele franse tekst
door Dierk Gasthuys]
|